Gewapend met een handdoekje en mijn telefoon ging ik afgelopen week op pad voor een duurloop, inclusief een plons van mijn lijf in het water. Het had gesneeuwd en sloten en meren waren bevroren. De buitentemperatuur lag rond de -8 graden.

Net iets over de helft van mijn rondje was ik ver buiten het centrum van Bergen op Zoom en liep ik in de schier ongerepte natuur. Met mijn schoenen zakte ik nog diep weg in de sneeuw, de zon brak door de vroege ochtendnevel heen.

Glimlach.

De statig wuivende rietkragen, bladloze bomen en daar tussendoor weidse vergezichten, tezamen met de witte deken van sneeuw, creëerden een uniek tafereel. Ik durfde voor even mijn pas in te houden en genoot in stilte. Liever de kou wat op me in laten werken dan alsmaar doorgaan om warm te blijven. Wauw.

Met evenveel enthousiasme rukte maakte ik mijn rugzakje los, griste mijn telefoon eruit, opende de camera-app. Klik. Telefoon uit.

Een wak slaan

Even was er een moment van verstandsverbijstering, een korte frustratie, een shit-nu-is-dit-niet-vastgelegdmoment. Ik duwde die gedachte weg, evenals mijn telefoon, die ik weer terug stopte in het rugzakje. Ik genoot in stilte, zonder het schouwspel der natuur vast te leggen op de gevoelige plaat.

Ongeveer 2 kilometer verderop kleedde ik mezelf, op mijn broek na, uit. Ik legde mijn handdoekje klaar en stapte uit mijn schoenen. Knisperende, krakende sneeuw in direct contact met mijn voeten. Ik sloeg een wak in het bevroren meertje. De gedachten die 10 kilometer lang met me hadden gespeeld – Hoe zal het zijn? Moet ik dit doen? Hoe idioot is dit? – waren uitgeschakeld.

De focus was verlegd naar wat me te doen stond: ik ging op mijn billen zitten in de sneeuw, dompelde mijn onderbenen tussen de kleine ijsschotsen en bracht al snel de rest van mijn lijf, behalve mijn hoofd, in het ijskoude water. Even was er de schrik, de confrontatie, maar toen ontstond er rust. Een kalme ademhaling, een felle winterzon op mijn gezicht.

Glimlach.

10 seconden, 20, 30 … 1 minuut, 1.30 … 2 minuten.

(Bericht gaat verder onder de training van Strava)

Ik stapte uit het water. Eenmaal thuis en weer opgewarmd (toegegeven, dat heeft wel even geduurd), besefte ik me dat een mens tot zoveel in staat is. Waar mijn smartphone (toegegeven, hij heeft zijn langste tijd wel gehad) dit soort temperaturen niet aankon, bleef mijn lijf op wat kippenvel na kalm terwijl het de ergste stress in tijden te verwerken kreeg. Dat is toch bizar?

Nog een keer: glimlach

Ps Na de telefoon opgeladen te hebben en deze zo warm mogelijk vervoerd te hebben, ben ik teruggegaan naar ‘mijn’ wak en heb alsnog een foto gemaakt. Dat kon ik toch ook weer niet laten.

Ik kan me voorstellen dat je denkt: ik wil meer verhalen. Daarom heb ik een boek geschreven, getiteld ‘Ga niet hardlopen’. Wedden dat je na het lezen ervan wilt gaan hardlopen.

Laat een reactie achter